Ze wilde zo graag zwanger worden. Haar lichaam dacht daar anders over.

Ze is 35, gezond en ze wil niets liever dan moeder worden. Haar man wil niets liever dan vader worden. Alle onderzoeken zijn gedaan, alles is in orde, bij haar én bij hem. En toch wordt ze maar niet zwanger. De artsen spreken van onverklaarbare onvruchtbaarheid. Zes IUI-pogingen mislukken. De volgende stap is IVF. Maar eerst komt ze bij mij.

In het voorgesprek vertelt ze alles wat ze al heeft gedaan, alle pogingen, alle onderzoeken, alle hoop die steeds weer wordt uitgesteld. Ze vraagt zich af of er een psychosomatische oorzaak kan zijn waarom ze niet zwanger wordt. Ik luister en stel vragen. Dan beginnen we met de sessie.

Ik vraag haar contact te maken met haar baarmoeder en te vertellen wat ze ervaart.

Ze is even stil. Dan zegt ze het zelf, verbaasd over haar eigen woorden: mijn baarmoeder is doodsbang. Ze zegt dat we dan doodgaan.

Dat is het moment. Niet ik die iets zie of weet, maar zij die contact maakt met wat er diep in haar lichaam leeft. En van daaruit gaan we op zoek naar waar die doodsangst is ontstaan.

Via regressie komen we uit bij een vierjarig meisje op een schoolplein. Ze rent met haar beste vriendinnetje naar buiten, vol energie en zonder een zorg in de wereld. De moeder van dat vriendinnetje staat daar te wachten, hoogzwanger, met een grote ronde buik. Het kleine meisje kijkt ernaar. Dan kijkt ze naar haar eigen buik. En dan vormt zich een gedachte, zo helder en logisch als alleen een kind die kan hebben: als ik zo'n buik met een baby erin zou hebben, dan ga ik dood.

En daar had ze op dat moment volkomen gelijk in. Als vierjarige kun je geen baby dragen. Haar lichaam wist dat. Haar onderbewuste registreerde het als een absolute waarheid en sloeg die op in het celgeheugen. Diep en onzichtbaar, maar op de achtergrond altijd aanwezig. Celgeheugen verdwijnt niet vanzelf, maar met regressie kunnen we het wel herschrijven.

Nu, twintig jaar later, wil deze vrouw een baby. Ze is volwassen, haar lichaam is er klaar voor. Maar ergens in de diepste lagen gelooft dat lichaam nog steeds in de overtuiging van dat kleine meisje op het schoolplein. Zwanger worden betekent sterven. En dus doet het lichaam wat het altijd doet: het beschermt haar. Stilletjes, consequent en zonder dat zij er enige controle over heeft. Haar vruchtbaarheid wordt niet belemmerd door iets fysieks, maar door een vergeten overtuiging uit haar vroegste kinderjaren.

In de sessie gaan we terug naar dat moment. We herbeleven het, niet om erin te blijven, maar om het te kunnen herkaderden. Wat klopt voor een vierjarige, klopt niet voor een vrouw van 35. Haar lichaam mag dat nu ook weten. De overtuiging die zo lang heeft vastgezeten in haar cellen maakt plaats voor een nieuwe waarheid. Ze kan dit. Haar lichaam mag dit toelaten.

Ze denkt nog een lange weg te gaan. De eerste IVF-poging staat gepland. Maar als ze zes weken later voor de uitgangsecho in het ziekenhuis komt, gaat ze zwanger weer naar huis. Ze is spontaan zwanger geworden, zonder verdere ingrepen.

Haar dochter is nu drie jaar oud.

Dit verhaal laat zien wat regressietherapie in de kern doet. We gaan niet op zoek naar wat je weet of wat je denkt. We gaan op zoek naar wat je lichaam nog steeds gelooft. En juist daar, in die stille vergeten overtuigingen, zit vaak de sleutel tot echte verandering. Ook als de oorzaak van jouw klacht nog niet gevonden is, kan er een psychosomatische verklaring zijn die nog niet onderzocht is.

 

Mocht jij ergens tegenaan lopen waarbij je hoofd en je lichaam elkaar lijken tegen te werken, dan is het misschien de moeite waard om eens verder te kijken dan het voor de hand liggende antwoord.


 

Disclaimer
Helaas kunnen we er niet voor zorgen dat iedereen zomaar zwanger wordt. Soms zijn er fysieke oorzaken die niet op te lossen zijn. Maar wanneer er geen medische verklaring is voor het uitblijven van een zwangerschap, kan regressietherapie waardevol zijn om te onderzoeken of er onbewuste overtuigingen of beschermingsmechanismen meespelen.

Meld je aan voor de nieuwsbrief